Uitleg
RTK, lidar of camera: hoe navigeert een robotmaaier zonder draad?
Een robotmaaier zonder draad moet zelf weten waar hij is. Daarvoor gebruiken fabrikanten satellieten, lasers, camera's of bakens, vaak in combinatie. Hier lees je hoe elke techniek werkt en in welke tuin hij goed of minder goed uitpakt.
Waarom navigatie zo belangrijk is
Een robotmaaier met draad weet precies waar het gazon ophoudt: de draad zegt het hem. Een robotmaaier zonder draad moet dat zelf uitzoeken. Hij moet weten waar hij is, waar de grens ligt die jij in de app hebt getekend en waar hij al gemaaid heeft. Hoe goed dat lukt, hangt af van de techniek en van je tuin. Hieronder lees je de vier technieken die je vaak tegenkomt.
RTK: satelliet met correctie
Gewone gps, zoals in je telefoon, is op een paar meter nauwkeurig. Voor een maaier is dat te grof: hij zou zo in de border of over de stoep rijden. RTK, kort voor Real Time Kinematic, maakt satellietplaatsbepaling veel nauwkeuriger, tot op enkele centimeters.
Dat werkt met een referentiestation. Dat station staat op een vaste plek en ontvangt dezelfde satellietsignalen als de maaier. Omdat het station weet waar het precies staat, kan het de afwijking in de signalen berekenen en die als correctie doorsturen. De maaier past zijn eigen positie daarmee aan.
Er zijn twee manieren om die correctie te krijgen:
- Eigen referentiestation: een antenne die je in of bij de tuin plaatst, vaak op een paal of aan de gevel. Die stuurt de correctie via radio of wifi naar de maaier.
- Netwerk-RTK: de correctie komt van een netwerk van vaste stations, via internet. Je hoeft dan geen eigen antenne neer te zetten, maar de maaier heeft wel een verbinding nodig, bijvoorbeeld via een simkaart of wifi. Soms hoort daar een abonnement bij.
Voordelen: nauwkeurig op een open gazon, werkt ook in het donker en bij elk weer, en de maaier kan rechte, nette banen rijden.
Nadelen: RTK heeft zicht op de lucht nodig. Onder een dichte boomkroon, onder een overkapping of vlak naast een hoge gevel vallen signalen weg of kaatsen ze terug. De positie wordt dan onnauwkeurig of de maaier stopt. Ook smalle doorgangen langs het huis zijn lastig.
Lidar: de omgeving opmeten met een laser
Lidar is een laserscanner die rondom de afstand tot muren, schuttingen, bomen en struiken meet. Uit die metingen maakt de maaier een kaart en bepaalt hij zijn positie. Het is dezelfde soort techniek die je kent van robotstofzuigers, maar dan gemaakt voor buiten.
Voordelen: lidar is niet afhankelijk van satellieten, dus bomen en gebouwen zijn juist handig als herkenningspunt. Het werkt ook bij weinig licht. Veel lidarmaaiers gebruiken de scanner ook om obstakels op te merken.
Nadelen: op een groot, open grasveld zonder muren of bomen in de buurt heeft lidar weinig houvast. Struiken en hagen veranderen door het seizoen, en ook dat kan de kaart beïnvloeden. Fabrikanten lossen dat op met slimme software of door lidar te combineren met andere sensoren.
Camera en vision
Een maaier met camera kijkt naar de tuin. Er zijn twee toepassingen, die vaak samen voorkomen:
- Navigatie op beeld: de maaier herkent herkenningspunten in de omgeving en bepaalt daarmee zijn positie. Sommige modellen herkennen ook waar het gras ophoudt en de tegels of de border beginnen.
- Objectherkenning: een camera met AI herkent obstakels zoals speelgoed, schoenen of een tuinslang en rijdt eromheen. Lees daarover meer bij robotmaaiers met camera en obstakelherkenning.
Voordelen: weinig of geen installatie, geen antenne of draad. Werkt onder bomen, omdat er geen satelliet nodig is.
Nadelen: een camera heeft licht nodig. Bij schemering of in het donker werkt hij slecht. Laagstaande zon, sterke schaduwen en tegenlicht kunnen de herkenning ook verstoren, net als regendruppels of vuil op de lens. Een rand waar gras en grond op elkaar lijken, is voor een camera lastiger dan een strakke tegelrand.
UWB-bakens
UWB staat voor ultra-wideband, een radiotechniek waarmee je afstanden op korte afstand nauwkeurig kunt meten. Je zet een aantal bakens rond het gazon. De maaier meet steeds de afstand tot die bakens en berekent zo zijn positie.
Voordelen: werkt onder bomen en naast gebouwen, onafhankelijk van satellieten en licht.
Nadelen: je moet de bakens plaatsen en van stroom voorzien, met een stekker, batterij of een klein zonnepaneel. Ze staan in de tuin, wat niet iedereen mooi vindt. Bij een grote tuin of veel losse zones heb je meer bakens nodig.
Combinaties
Steeds meer draadloze maaiers combineren technieken. Een veel voorkomende mix is RTK met een camera: op het open gazon navigeert de maaier op satelliet, onder een boom of naast het huis helpt de camera hem verder. Ook RTK met lidar, of lidar met camera, komt voor. Het idee is dat de ene techniek de zwakke plek van de andere opvangt.
Kijk bij een combinatie wel hoe de maaier reageert als één signaal langer wegvalt. Rijdt hij door op de andere sensor, of stopt hij en wacht hij? Fabrikanten beschrijven dat niet altijd duidelijk. Reviews en ervaringen van gebruikers met een vergelijkbare tuin zeggen daar vaak meer over.
Welke techniek past bij jouw tuin?
| Situatie | Wat vaak goed werkt |
|---|---|
| Open gazon, weinig bomen | RTK, of RTK met camera |
| Veel bomen of hoge gebouwen | Lidar, UWB of een combinatie met camera |
| Kleine stadstuin tussen muren | Lidar of camera, RTK is daar vaak lastig |
| Groot gazon zonder herkenningspunten | RTK |
| Je wilt niets in de tuin plaatsen | Netwerk-RTK of camera |
Twijfel je, dan is een maaier met draad een betrouwbaar alternatief. Hoe dat gaat lees je in begrenzingsdraad leggen.
Wat er bij de installatie komt kijken
Draadloos betekent niet zonder installatie. Reken op deze stappen:
- Plek van het laadstation: vlak, met een stopcontact in de buurt, en bij RTK met zicht op de lucht.
- Referentiestation of bakens: bij RTK een antenne op een hoge, vrije plek, weg van bomen en de gevel. Bij UWB de bakens rond het gazon.
- Verbinding: controleer of wifi of mobiel bereik reikt tot het laadstation en over het gazon, zeker bij netwerk-RTK.
- Kaart maken: bij veel modellen rijd je de maaier met de app als een afstandsbestuurbare auto langs de rand. Andere modellen verkennen de tuin zelf. Daarna teken je verboden zones, zoals een vijver of moestuin, en routes tussen zones.
- Testen: laat de maaier eerst onder toezicht rijden en kijk vooral bij bomen, doorgangen en randen of hij zich aan de grenzen houdt.
Doe het in kaart brengen overdag, bij goed weer en met een opgeruimde tuin. Dan heb je de minste kans dat de kaart later aangepast moet worden.